De ambitie is helder: de bouwsector moet emissieloos. Maar tussen beleidsdoelstelling en dagelijkse bouwpraktijk zit een wereld van verschil. Hoe pak je dat aan als opdrachtgever? Een recent voorbeeld van Waterschap Aa en Maas laat zien hoe complex én hoe uitvoerbaar de transitie in de praktijk is.
Overheden, waterschappen en andere grote opdrachtgevers in de grond-, water- en wegenbouw staan voor een dubbele opgave. Ze moeten enorm veel werk verzetten, zoals dijken versterken, beken laten meanderen en rioolwaterzuiveringen moderniseren, én dat werk steeds duurzamer uitvoeren. Het convenant Schoon en Emissieloos Bouwen, Europese regelgeving en maatschappelijke druk zetten de sector in beweging. Maar de realiteit op de bouwplaats is weerbarstig.
Waterschap Aa en Maas is één van de grootste publieke opdrachtgevers in de Nederlandse waterbouw. Tussen 2024 en 2027 zetten ze zo’n 160 miljoen euro aan dijkversterkingen in de markt. Tel daar de investeringen in rioolwaterzuivering en natuurontwikkeling bij op en dat budget verdubbelt. Kortom: er staat veel te gebeuren, en snel.
Toch kiest bestuurder Peter van Dijk bewust voor een pragmatische aanpak. Het waterschap ondertekende het convenant Schoon en Emissieloos Bouwen op basisniveau en niet het ambitieniveau. Niet uit gebrek aan ambitie, maar uit realisme. Peter van Dijk, bestuurder Waterschap Aa en Maas:
Als je elektrisch materieel laat draaien op stroom uit een kolencentrale, dan noem ik dat emissieverplaatsing. Daar schieten we niks mee op.
In de praktijk betekent dit: emissieloos waar het kan en werkbaar is, met HVO (Hydrotreated Vegetable Oil) of traditioneel aangedreven materieel waar dat nog niet het geval is. Bij het project Meanderende Maas werken aannemers Boskalis en Sterk inmiddels met grote elektrische kranen, vrachtwagens en een elektrische silent piler. Netcongestie werd slim omzeild met een eigen laadplein, gevoed vanuit een nabijgelegen rioolwaterzuivering. Bij trilblokken en zware grondverzetsklussen blijft de techniek echter een uitdaging en dat is eerlijk erkend.
De aanbestedingsstrategie sluit hierop aan: aannemers die meer emissieloos materieel inzetten, krijgen een fictieve korting op hun inschrijfsom. Van Dijk noemt dat zelf “chirurgisch aanbesteden”, waarbij samenwerking met de markt centraal staat.
De casus van Aa en Maas illustreert dat succesvol emissieloos bouwen vraagt om veel meer dan alleen de juiste machines. Het vraagt om inzicht in aanbestedingsstrategieën, kennis van beschikbaar elektrisch en alternatief materieel, begrip van energielogistiek op de bouwplaats en het vermogen om opdrachtgever en opdrachtnemer op één lijn te krijgen. Precies die combinatie van kennis en vaardigheden staat centraal in de PAOTM-cursus Duurzaam en emissieloos GWW.
Tijdens deze cursus leer je hoe je als opdrachtgever of opdrachtnemer de transitie naar emissieloos bouwen in de GWW-sector in de praktijk brengt; van aanbestedingsstrategie tot materieelkeuze en ketensamenwerking. En leer je goed voorbereid te zijn op de verwachte regelgeving voor 2027.
De transitie naar emissieloos bouwen is in volle gang. De vraag is niet of je ermee te maken krijgt, maar hoe goed je erop bent voorbereid. Bekijk daarom de cursus en zet de volgende stap in duurzaam en emissieloos GWW.
Bron: Waterschap Aa en Maas
Foto: Project Meanderende Maas, fotograaf Maikel Samuels, www.meanderendemaas.nl
“Al sinds 2001 met de Aanpak aan de gang. Gefocust samen nadenken, door spreken en doen.”
Wil je graag een compleet overzicht van al onze cursussen en opleidingen? Download dan de digitale studiegids!