Geld uit Deltafonds beschikbaar voor klimaatadaptatie

ma 17 februari 2020

‘Om Nederland robuust te maken tegen extreem weer, zoals piekbuien en langdurige droogte, moet er komende jaren extra worden geïnvesteerd’, aldus Minister Van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat). Met instemming van wijziging van de Waterwet is de weg vrij om geld uit het Deltafonds te gebruiken voor maatregelen tegen wateroverlast en droogte.

Om Nederland opnieuw in te richten tegen weersextremen zijn er ruimtelijke maatregelen nodig. Minister van Nieuwenhuizen wil die aanpak versnellen en intensiveren. De bewindsvrouw tekende in 2018 met provincies, gemeenten en waterschappen het bestuursakkoord Klimaatadaptie. Hiermee investeren zij tot en met 2025 in totaal zo’n 600 miljoen euro extra voor de aanpak van problemen door klimaatverandering, waarvan het Rijk de helft voor zijn rekening neemt.

Het Deltafonds is oorspronkelijk bedoeld voor kustbescherming, hoogwaterbescherming in het rivierengebied en zoetwatervoorziening. Volgens minister Van Nieuwenhuizen is het probleem dat de benodigde extra investeringen voor klimaatadaptatie momenteel niet kunnen worden ondersteund vanuit het Deltafonds. Met de instemming van de Tweede Kamer voor wijziging van de Waterwet wordt de bestemming van het Deltafonds dus verbreed, om vanaf januari 2021 geld uit dit fonds in te zetten voor klimaatadaptatieprojecten.

Om projecten op korte termijn vanuit de overheid te steunen stelt de minister evenals vorig jaar ook dit jaar 5 miljoen euro extra beschikbaar voor regionale pilotprojecten, als onderdeel van in totaal 20 miljoen euro die het ministerie van IenW in 2019 en 2020 inzet om de klimaatadaptatie te versnellen.  

Ben jij als medewerker van een ministerie, Rijkswaterstaat, waterschap, gemeente of adviesbureau betrokken bij klimaatadaptatieprojecten? Leer in onze nieuwe cursus Omgaan met klimaatverandering op 31 maart, 7 en 14 april de nieuwste stand van zaken rond klimaatdreigingen en krijg objectieve informatie waarop je je beleid kunt baseren en waarmee je je rekenmodellen mee kunt voeden.

Deel deze pagina